Toezicht en corona

Zal het overheidstoezicht veranderen door het uitbreken van het coronavirus en de coronacrisis?

Het gaat dan niet alleen over de manier waarop het toezicht wordt uitgevoerd, maar ook over het object en de inhoud van toezicht. En als daarin al veranderingen optreden, gaan die veranderingen dan ook blijven zodra de crisis achter de rug is? Een eerste analyse.

Vormgeving van het toezicht

Verschillende inspecties hebben het (fysieke) toezicht de afgelopen maanden anders ingericht. Niet alleen door zelf afstand te houden van geïnspecteerden, het dragen van mondkapjes en andere maatregelen om inspecties op locaties zowel voor de inspecteur als de geïnspecteerde veilig uit te kunnen voeren.

Zeker als het virus endemische vormen aanneemt (de crisis is dan voorbij, maar het virus (bij vlagen) nog wel aanwezig), zullen een deel van deze (fysieke) maatregelen wellicht voor langere tijd behouden moeten blijven.

Maar ook hebben verschillende toezichthouders nieuwe vormen van toezicht geïntroduceerd door toezicht op afstand en/of digitaal uit te voeren. Ook de inzet van nieuwe technische hulpmiddelen zoals drones, sensoren en datagedreven toezicht hebben ertoe geleid dat het toezicht in operationele zin (meer) op een andere manier is vormgegeven.

Object en inhoud van toezicht

Ook het inhoudelijke toezicht is gewijzigd. Zo heeft de coronacrisis meer (na)druk gelegd op de positie van kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt zoals arbeidsmigranten (zowel qua inzet als huisvesting), het toezicht op de gevolgen van thuiswerk (PSA) en de arboconforme inrichting van de thuiswerkplek, het in acht houden van veiligheidsvoorschriften op de werkplek, maar ook op publieke locaties zoals winkels waar werknemers te maken hebben met interactie met klanten.

Daarnaast is goed denkbaar dat toezichthouders meer (of bewust minder) aandacht besteden aan kwetsbare groepen in het onderwijs, de kwaliteit van en de urenrealisatie in het onderwijs en de manier waarop onderwijsinstellingen inzetten op (het inhalen van) onderwijsachterstanden. Sommige onderdelen van het standaard-toezichtspakket zijn (tijdelijk) gestaakt omdat deze tijdens de crisis geen representatief beeld zouden geven. Zo heeft de inspectie voor het onderwijs de beoordeling op de onderwijskwaliteit opgeschort. Ook het behalen van de urennorm in het voortgezet onderwijs kan tijdens de crisis niet onverkort worden toegepast.

Het functioneren van sociale zekerheidsstelsels zal tegen het licht worden gehouden. Is het stelsel, zowel qua inrichting van regelgeving, voorzieningen als de uitvoeringsorganisatie toegerust op een crisis als deze?

Het toezicht op de samenwerking binnen netwerken die tezamen een rol spelen, bijvoorbeeld in de zorgverlening. Verschillende zorginstellingen hebben met elkaar te maken: van huisarts, thuiszorg en verpleeghuis tot ziekenhuis. En van jeugdhulp en gehandicaptenzorg tot de geestelijke gezondheidszorg. Als gevolg van de crisis is er ook vanuit het toezicht meer oog voor de onderlinge samenwerking, zelfs over grenzen van (toezichts)domeinen heen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan multi-problematiek bij gezinnen die zowel op de arbeidsmarkt, in de zorg en in het onderwijs bovengemiddeld getroffen zijn en dus ook ondersteuning vanuit verschillende disciplines (moeten) krijgen. Dat vraagt wellicht ook (meer) samenwerking tussen inspecties.

Iets soortgelijks geldt bijvoorbeeld ook in de veiligheidsketen waar gekeken zal worden naar de samenwerking tussen het rijk en de veiligheidsregio’s.

Toezicht op het optreden van het openbaar bestuur en orde handhavers bij de handhaving van de openbare orde. Zeker waar geprotesteerd wordt tegen de geldende coronamaatregelen.

Het toezicht op dierenwelzijn en het risico van overdracht van ziektes van dier op mens (zoönose). Sommige voorschriften zijn (tijdelijk) versoepeld zoals de mogelijkheden voor het gebruik van desinfectiemiddelen, maar ook weer verscherpt toezicht op de veiligheid daarvan nu veel meer bedrijven zich met de productie daarvan bezig houden.

Meer in den brede zullen er afwijkingen zijn ten aanzien van bestaande werkprocessen van onder toezichtgestelden, zeker waar deze in conflict kunnen komen met de veiligheidsvoorschriften rondom het voorkomen van de verspreiding van het corona-virus.

Tot welke innovaties in het toezicht leidt dit?

Blijvend meer hybride toezicht (deels fysiek, deels op afstand)?

Herijking van inhoud/object van toezicht?

Meer integrale benadering en (sectoroverstijgende) samenwerking in het toezicht gericht op specifieke groepen met multiproblematiek?

Blijvend (meer) aandacht voor specifieke aandachtsgroepen?

Wat is jouw idee?

* disclaimer

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *